Het dorp van pater Archibald

Dossier Saint-Guilhem-le-Désert

Fragment uit mijn debuutroman

‘In de loop van de middag zette Pater Archibald het mechanisme aan dat de klokken van de middeleeuwse kerk in Saint-Guilhem-le-Désert luidde. Het was tijd voor de dagelijkse mis.

Archibald, in de zeventig, was nog steeds een rijzige gestalte. ‘In de bloei van mijn leven,' zei hij vaak gekscherend tegen Jeremiah en Florentin, de andere broeders, ook op leeftijd.’

Saint-Guilhem-le-Désert

Het is geen toeval dat juist een van de mooiste dorpen van Frankrijk is gekozen als een belangrijk decor in mijn roman. In Saint-Guilhem-le-Désert lijkt de tijd stil te hebben gestaan. Alles ademt geschiedenis: van de eeuwenoude abdij en het voormalige klooster tot de kerk Saint-Laurent, de kleine steegjes met verborgen trappen, de verrassende doorkijkjes en de cardabelles aan de deuren. Deze distel, ook wel de barometer van de herder genoemd, waarschuwt voor regen en zonneschijn. Als het hart zich sluit is er vochtig weer op komst.

Sfeerbeeld

In het laagseizoen of tijdens het zachte ochtendlicht heerst er een serene rust in het dorp. De uitbaters zitten dan gemoedelijk op een stoeltje voor hun zaak, koffiedrinkend en keuvelend, terwijl het dorp langzaam tot leven komt. Dan stromen de terrasjes vol en doen de winkels in toeristen- en streekproducten goede zaken. En niet te vergeten de ijssalon, vlak om de hoek van het plein.

Door het dorp stroomt de Verdus. Deze komt aan de voet van het dorp uit in de Hérault, die ontspringt op de Mont Aigoual in het zuiden van de Cevennen. Vanuit daar baant ze zich een weg naar het zuiden, langs Saint-Guilhem, richting de Middellandse Zee.

Saint-Guilhem-le-Désert ligt aan de Via Tolosana. Deze pelgrimsroute start in Arles en loopt via Saint-Guilhem-le-Désert en Toulouse dwars door de Pyreneeën naar Puenta La Reina.

De abdij van Gellone

Centraal in het dorp ligt de Place de la Liberté, een charmant pleintje onder de schaduw van een imposante plataan, daar geplant in 1855. Aan het plein bevindt zich ook de abdij van Saint Saveur, gesticht in 804 door Guilhem de Gellone – hertog van Aquitanië, beter bekend als Willem met de Hoorn of Willem met de korte neus. Over hem vertel ik meer in een ander archiefstuk.

Van het oorspronkelijke klooster is enkel de kerk met haar 15e-eeuwse klokkentoren behouden gebleven. Onder de kerk ligt een crypte die een belangrijke rol speelt in mijn roman. In het bijbehorende museum, het voormalige refectorium, is een bijzondere vondst te bewonderen: een sarcofaag uit de 6e eeuw. Het refectorium krijgt in mijn roman een andere functie: de hoofdrolspelers treffen elkaar hier tijdens de maaltijden en bijeenkomsten.

The Cloisters – New York

Bijna onvoorstelbaar is het, maar een reconstructie van de kloostergang – compleet met zuilen en beeldhouwwerk – is vandaag de dag te zien in het museum The Cloisters in New York. In een van mijn volgende blogs vertel ik meer over dit bijzondere museum. Toen het klooster in Saint-Guilhem-le-Désert na de Franse Revolutie in verval raakte, wist de in Parijs opgeleide beeldhouwer George Grey Barnard, over wie later ook meer, in 1906 diverse onderdelen aan te kopen en te verschepen naar Amerika. Hij schonk zijn indrukwekkende collectie na zijn dood aan het Metropolitan Museum of Art, dat de elementen gebruikte om een deel van de kloostergang nauwgezet te reconstrueren.

Bouwstijl

In de abdijkerk zijn de overblijfselen van het eerste Karolingische klooster geïntegreerd in het nieuwe romaanse gebouw, met zijn schip, zijn transept en zijn portaal. De bouw begon rond 1030 met het koor en de apsis. Het tongewelf is 18 meter hoog. Net zo hoog als het balkon van de Sint Pieter in Rome, maar daarover een andere keer meer. Nee, geen spoiler-alert ๐Ÿ˜‰.

De kloostergang is verschillende keren verbouwd. Enkele zeldzame fragmenten van geschilderde decoraties in de kloostergang zijn bewaard gebleven. Ze dateren uit de twaalfde en vijftiende eeuw.

Het Altaar

Het twaalfde-eeuwse altaar bestaat uit een zwart marmeren tafel en drie wit marmeren platen, rijk versierd met gravures en gekleurd glas.
Het centrale paneel lijkt op een open boek. Links is Christus in majesteit te zien, omringd door de symbolen van de evangelisten. Rechts is een scène te zien van de Kruisiging met de Opstanding, omgeven door bloemen, de zon en de maan.
Het altaar vereiste het vakmanschap van zowel beeldhouwers als glasblazers en geldt, Europees gezien, als een uniek romaans kunstwerk.

Het gebedenboek van Gellone

Er zijn iets meer dan 30 manuscripten in de bibliotheek van Gellone gevonden. Het meest prestigieus is ongetwijfeld het Sacramentarium van Gellone, het boek van de priester die de mis opdraagt. Het dateert van het einde van de achtste eeuw en wordt bewaard in de Bibliothèque Nationale de France. Het is een mooi voorbeeld van Karolinisch schrift verrijkt met uitzonderlijke afbeeldingen.

Relikwieën

In de abdij zijn twee belangrijke relikwieën te bewonderen. Een stukje van het kruis van Jezus Christus en wat botten van de stichter van het klooster, Guilhem de Gellone. Al meer dan duizend jaar komen pelgrims naar de abdij om een fragment van het Ware Kruis te vereren. Het fragment wordt bewaard in een zilveren reliekschrijn in de vorm van een kruis, gemaakt in 1862 in Lyon in de goudsmidswerkplaats van Favier Frères. De schrijn staat in een nis in de oostelijke pilaar, rechts van het schip van de kerk.

Dit opmerkelijke relikwie zou door Karel de Grote aan Guilhem zijn gegeven, die het in 806 naar Gellone bracht. Karel de Grote zou het zelf hebben gekregen van de patriarch van Jeruzalem in het jaar 800. Gellone heeft Karel de Grote jarenlang gediend. Tot hij besloot een klooster te stichten. Het verhaal gaat dat Karel de Grote bij de aankondiging van Gellones vertrek heeft gezegd: ‘U hebt mijn hart gekwetst door uw verzoek, u hebt mijn ziel diep gekweld door uw vertrek, maar uw verzoek is gewoon... en ik kan me er niet tegen verzetten.’ Karel de Grote zou Guilhem hebben aangeboden te geven wat hij vroeg. Zijn neef en vriend vroeg hem om het fragment van het kruis, wetend dat dit veel pelgrims naar zijn klooster zou trekken.

Guilhem werd na zijn dood begraven in het westelijke deel van de kerk, in de buurt van de cel waar hij woonde. Rond het jaar 1000 werd zijn lichaam overgebracht naar het hoofdkoor van de kerk. Tegenwoordig worden de relikwieën van Guilhem bewaard in een reliekschrijn, die in een nis in de oostelijke pilaar, links van het schip van de kerk, staat.

De pastorale school

In de tuin ten zuiden van het kloostercomplex bevindt zich de voormalige pastorale school. Het pand met de lichtblauwe luiken opende zijn deuren in 1921 en was een initiatief van de kardinaal de Cabrières. Destijds werden er toekomstige priesters opgeleid. Nu is het een van de decors in mijn boek. Het basketbalveldje ligt er tegenover.

Het dorp is dus zeker een bezoek waard. Een tip: wil je de drukte een beetje mijden, kom dan in het laagseizoen. ’s Ochtends vroeg heb je het dorp bijna voor jezelf en kun je genieten van de historische sfeer. ’s Middags is het gezelligheid troef met volle terrassen, leuke winkeltjes en vele smaken ijs ๐Ÿ˜‰.

Meer weten?

Beeldmateriaal v.l.n.r.

Rij 1

  • Saint-Guilhem-le-Désert | collectie Ruth Stuurman
  • Het wapen van Saint-Guilhem-le-Désert | collectie Ruth Stuurman
  • La Taverne de L'Escuelle | collectie Ruth Stuurman
  • La Cardebelle, de beroemde distel | collectie Ruth Stuurman

Rij 2

  • Het twaalfde-eeuwse altaar | collectie Ruth Stuurman
  • Oude foto van de kapittelzaal | Publiek domein Wikimedia Commons
  • Sacramentarium van Gellone | Publiek domein Wikimedia Commons
  • Uitbaters op de vroege ochtend op de Place de la Liberté | Collectie Ruth Stuurman

Tekening van de zilveren reliekschrijn in Saint-Guilhem-le-Désert | Erwin Spee

Rij 3

  • Het kleine pleintje uit mijn roman | collectie Ruth Stuurman
  • Het basketbalveldje uit mijn roman | collectie Ruth Stuurman
  • Zicht op achterzijde het abdijcomplex | collectie Ruth Stuurman
  • Bordje op de oude plataan op de Place de Liberté | collectie Ruth Stuurman